De bij de Raveleinse Spoorwegen rijdende TRAXX van NS is eigenlijk een geupgrade "1918" uit een startset van PIKO. Een foute aanschaf uit de begintijd van mijn baan. Gekocht in Houten. Moest kennelijk nog veel leren (nu nog)

De loc is omgebouwd door Jaap vd Berg. Nieuwe verlichting. Aangepaste decoder. Nieuwe TRAXX ombouw.

Echt een hele verandering!

De TRAXX van NS is de meest moderne loc van NS. Bij de Raveleinse Spoorwegen zal de loc worden ingezet bij de IC treinen richting Duitsland. Dit door gebrek aan de aanwezigheid van een 1700........

 

BRON onderstaande info: WIKIPEDIA

Geschiedenis en INFO over de 1:1 TRAXX 

In de jaren 90 gaf de Deutsche Bundesbahn aan de industrie opdracht voor de ontwikkeling van nieuwe locomotieven ter vervanging van de oudere types 103151111181.2 en 120. Hierop presenteerde AEG Hennigsdorf in 1994 het prototype 12X, dat later als Baureihe 145 door het toenmalige Adtranz te Kassel werd gebouwd. Uit dit prototype ontstond een groot aantal varianten.

Deze locomotieven worden gebouwd door de fabriek in Kassel, sinds 2001 eigendom van Bombardier. De ruwbouw van de locomotiefkasten vindt sinds 2008 plaats in de vestiging in Wrocław en de eindmontage in de vestiging in Kassel.

Lease door HSA

De High Speed Alliance (HSA) bestelde in 2005 bij Angel Trains 12 locomotieven voor reizigersverkeer over de HSL-Zuid. Bij deze locomotieven werd de maximumsnelheid verhoogd tot 160 km/h, wat tevens de hoogst toegelaten snelheid is voor de NS-Intercityrijtuigen die door deze locs worden getrokken. De inzet van deze locomotieven moest een tijdelijke voorziening zijn totdat de V250-treinstellen in dienst zouden komen. Door de aanhoudende problemen met de V250-treinstellen, die in 2013 definitief van het toneel verdwenen, zullen deze locomotieven tot de komst van nieuwe Intercity Nieuwe Generatie-treinstellen tot zeker 2020 in dienst blijven.

De rode exemplaren hebben sinds 2014-2016 dezelfde geel-blauwe huisstijl als de laatste leveringen van nieuwe TRAXX-locomotieven. De 186 114 was de eerste locomotief die deze metamorfose onderging in het Duitse Dessau. Op 10 april 2016 zijn de 186 111 en 186 112 als laatste locomotieven gereviseerd teruggekomen uit Dessau. Daarmee is een eind gekomen aan de rode locomotieven bij NS.

Koop door NS

Op 18 december 2013 werd bekend dat de NS in totaal 19 van deze locomotieven besteld heeft ter aanvulling van de in 2005 bij Angel Trains geleasede locomotieven. Sinds augustus 2014 is de levering van de nieuwe locomotieven op gang gekomen. Na afnameritten worden de locomotieven vanaf eind 2014 in de treindienst ingezet. De kleurstelling is in NS-stijl.[1] Op 19 januari 2015 kwam de laatste locomotief van de bestelling (E186 019) aan bij het Spoorwegemplacement Watergraafsmeer. Op 6 februari 2015 droeg Bombardier de locomotieven in het Spoorwegmuseum officieel over aan NS Hispeed.

Op 17 juni 2015 werd bekendgemaakt dat NS een tweede bestelling voor 18 locomotieven gedaan heeft bij Bombardier.[2][3] De locomotieven zijn nodig, nadat bleek dat de stuurstandrijtuigen van het ICR-materieel lastig aan te passen zijn voor samenwerking met TRAXX-locomotieven. De extra locomotieven zorgen ervoor dat er geen rangeerwerkzaamheden nodig zijn, de locomotieven zullen in treinschakeling aan beide zijden van de trein komen te rijden ("sandwichbedrijf" in spoorwegterminologie). De levering begon op 23 mei 2016, toen het eerste exemplaar zelfstandig van Bad Bentheim naar Amsterdam Zaanstraat reed. Eveneens op 23 mei 2016 werd bekend dat NS nog eens acht locomotieven bestelde. [4]

Constructie en techniek

De locomotief bestaat uit een zelfdragende stalen constructie met cabines op beide zijdes. De locomotief is geplaatst met behulp van cilindrische schroefveren op tweeassige Flexicoil draaistellen. Het dak van de machinekamer is in drie afneembare segmenten verdeeld. De vier stroomafnemers zijn op de twee buitenste afneembare daksegmenten gemonteerd. Over het midden van het dak loopt een slipvaste laag t.b.v. onderhoudswerkzaamheden. Het grootste deel van de componenten zit in de machinekamer ingebouwd. De transformator, de accukasten, de hoofdcompressor, de luchtdroger en een van de hoofdluchtreservoirs zijn in het onderstel opgehangen. De hoogspanningsuitrusting en de tractieomvormers zijn tot een blok gecombineerd en bevinden zich in het midden van de machineruimte. De tractie-installatie is uitgerust met een draaistroom wisselrichter en heeft driefasige asynchrone motoren in de draaistellen. Iedere motor drijft een as aan maar de motoren zijn per twee gegroepeerd.